Interview Stad Nijkerk

‘Tijdens orgelles werd ik buiten in de regen gezet’

NIJKERK Muziek zit bij Nijkerker Willem Harold Boog in het bloed. Zijn vader was een niet onverdienstelijk violist, zijn moeder speelde orgel. Nu, 55 jaar verder, is Boog stadsorganist van Zeist en geeft hij al 40 jaar orgelconcerten in binnen- en buitenland. Hij is kerkmusicus van de Zeister Oosterkerk, waar hij jaarlijks veel concerten speelt, maar ook in Nijkerk. Op zaterdag 2 november kunnen Nijkerkers genieten van zijn jubileumconcert in de Grote Kerk.

De kleine Willem moest van zijn ouders een muziekinstrument kiezen om te bespelen. ,,Mijn vader nam me overal mee naar toe, zoals het Concertgebouw in Amsterdam. Thuis hadden we een pickup met platen van Sir Colin Davis met opnames uit de Royal Albert Hall in Londen van ‘the Last Night of the Proms’. Ik heb die plaat helemaal grijs gedraaid. Er waren talloze momenten dat ik op de bank stond en aan het dirigeren was.” Van de orgelbank was Boog ook niet af te krijgen. ,,Op een zondag nam mijn vader mij mee naar de Loolaankerk in Apeldoorn. Hier speelde de beroemde organist Piet van Egmond, die destijds één van de bekendste Nederlandse organisten was. Het was indrukwekkend wat mijn vader voor elkaar kreeg die dag. We stonden na de dienst bij de orgelingang toen meneer Egmond naar buiten kwam. We mochten samen met hem mee naar boven naar het prachtige orgel. Piet van Egmond was een reus van een kerel en dat maakte alleen al indruk op me. Ik zal dat nooit vergeten.”

STRENG De organist voetbalde niet onverdienstelijk, maar moest van zijn ouders naast het sporten ook een uur per dag zijn orgelles doen. Hij was nog maar 6 jaar oud toen hij bij zijn eerste orgeldocente terecht kwam op de muziekschool in Deventer. ,,Zij had toen net een orgelconcours in Bologna gewonnen en voelde zich een hele tante. Het was niet het meest plezierige figuur om les van te krijgen. Ze was zo streng dat het een enorme impact had op mijn gevoelsleven. Ze moest uit Amsterdam komen en logeerde dan bij een oudere leerling van haar in Deventer. Die leerling werd tijdens mijn lessen vaak als ideaal voorbeeld gebruikt. Hij deed altijd alles beter en ik zou net zo hard moeten studeren als hij. Ik dacht alleen maar: ‘wat heb ik met hem te maken?”

Het blijft wonderbaarlijk dat mijn liefde voor het orgel en de orgelmuziek in die jaren niet geëlimineerd werd OUDE MEESTERS In die tijd wilde Boog al romantisch orgelwerken spelen van Franck en Guilmant en werken van de organisten Jan Zwart en Feike Asma, maar zijn lerares bleef onverbiddelijk in het aanleren van de zogeheten ‘Oude Meesters’. ,,Het bijzondere was dat ik ondanks de vervelende orgellessen en mijn ‘slechte’ prestaties, alleen maar tienen haalde als ik examen moest doen voor de commissie. Ik kon dus toch wel wat.” Toch zorgde de mentale druk er wel voor dat Boog steeds minder plezier had in het oefenen voor de orgellessen, maar gelukkig had zijn vader dat op tijd door. De overstap naar een nieuwe docent op de muziekschool maakte het echter niet beter. ,,Hij ging helaas op dezelfde voet verder. Ik werd in de regen buiten gezet als ik een stuk niet speelde zoals hij het wenste. Het blijft wonderbaarlijk dat mijn liefde voor het orgel en de orgelmuziek in die jaren niet geëlimineerd werd.” Ook deze docent bleef negatief, en uiteindelijk haalde de vader van Boog hem van les, toen hij op 10-jarige leeftijd al zijn ‘brevetten’ had gehaald. ,,Vader Boog bracht me bij Willem Hendrik Zwart, de bekende organist van de Bovenkerk in Kampen. Het voelde alsof ik in de hemel kwam. Het bleek een schat van een man te zijn en ik kreeg bovendien les op één van mooiste en grootste orgels van Nederland. Ik had een behoorlijke emotionele bagage meegenomen, maar de heer Zwart heeft ervoor gezorgd dat het vuur van de liefde voor het orgel en de orgelmuziek daar ècht is ontstoken. Ruim 22 jaar heeft hij mij les gegeven.”

MIENTJE De Nijkerker gaf zijn eerste officiële concert in Inzing (Oostenrijk) toen hij 15 jaar oud was. ,,Toevallig zat er een man uit Lekkerkerk in de kerk die ervoor zorgde dat ik daarna in Lekkerkerk ook een concert mocht komen geven. Daarna is het niet meer opgehouden met de concerten.” Vanaf zijn vijftiende begon Boog ook zelf leerlingen les te geven. ,,Ik had van mijn eerste twee docenten geleerd hoe het vooral niet moest. Ik woonde in Bathmen, had al snel aardig wat leerlingen en werd benaderd door het maatschappelijk werk daar. Ze vroegen of ik Mientje, een boerenvrouw, les wilde geven. Ze was weinig ontwikkeld en had een slecht leven thuis. Ik kreeg een bijzondere band met haar. Omdat ze een bril had met glazen van een enorme sterkte heb ik al het lesmateriaal uitvergroot, zodat ze kon zien wat ze moest spelen. Ook bleek dat ze zonder haar gehoorapparaten de ware toonhoogten beter kon horen. Zo verbeterde haar klankvoorstelling. Uiteindelijk kon ze best verdienstelijk orgel spelen en kreeg ze weer een gevoel van eigenwaarde.” Bij zijn eindexamen onderwijsleer aan het conservatorium zorgde een voorbeeldles aan Mientje voor een hoog eindcijfer.

Tijdens zijn examenjaar van het VWO zat Boog al in de vooropleiding van het conservatorium, terwijl hij onverminderd les bleef krijgen van Willem Hendrik Zwart. Maar al tijdens zijn eerste studiejaar stuurde Zwart hem weg. ,,Ik mocht van hem ‘geen twee heren dienen’. ‘Jij moet doen wat ze je daar vertellen’, zei hij.” De jonge organist hield dat ruim een half jaar lang vol en keerde daarna snel weer terug in Kampen. Ik moest en zou bij Willem Hendrik Zwart repertoire blijven studeren en zo kwam ik toch weer bij de Jan Zwartschool terecht op de zaterdagen, waar ik veel meer studeerde dan alleen aan het conservatorium.” Jaren later mocht hij in Kampen, op een zaterdagmorgen, ook de legendarische organist Feike Asma ontmoeten.

ORANJECONCERTEN In 1989 werd Boog cantor-organist van de Oosterkerk in Zeist, gevolgd in 1992 door een benoeming als kerkmusicus. ,,Willem Hendrik Zwart adviseerde mij toen direct contact te leggen met de Oranjevereniging in Zeist om zo Oranjeconcerten te kunnen gaan spelen tijdens Koninginnedag.” Het kleurrijke, romantische Flentrop-orgel leent zich prima voor concerten en kort daarna organiseerde Boog ook zijn eerste serie orgelconcerten, waarbij hij verschillende bekende Nederlandse organisten uitnodigde.

Dit jaar organiseerde en speelde hij voor de 27ste achtereenvolgende keer de serie orgelconcerten en voor de 28ste keer het Traditionele Oranjeconcert in de Oosterkerk. In 2016, tijdens het 25ste Oranjeconcert, werd hij benoemd tot stadsorganist van Zeist en tijdens de 25ste serie orgelconcerten, in 2017, werd Boog benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Aan dit concert werd medewerking verleend door onder andere het Bach Consort Nijkerk onder leiding van Falco van Loon. Dit jaar, in zijn jubileumjaar, ontving Boog uitnodigingen in onder andere Brugge (Sint-Salvatorkathedraal) en in Rotterdam (Laurenskerk).

PSALMZANG Al vele jaren wordt er ook in de Grote Kerk van Nijkerk een concert georganiseerd en gespeeld door Boog. ,,Dit jaar wordt het een Psalmzangavond met uitsluitend eigen Ppsalmbewerkingen en veel samenzang. Dominee J.J.G. de Boer zal een korte toelichting geven bij de te zingen psalmen. Ik doe dit uit dankbaarheid voor de veertig jaar dat ik concertorganist mag zijn. Daarom noem ik de avond: ‘Uit dankbaarheid van Gebed tot Lofzang’.” Het concert begint komende zaterdag om 20.00 uur (kerk geopend vanaf 19.30 uur). De toegang is gratis, wel is er een collecte voor de onkosten.

JUBILEUMCONCERT Twee weken later op 16 november volgt het grote jubileumconcert in Theater Figi in Zeist. ,,Het theater krijgt hiermee een primeur, ik ben de eerste concertorganist die in het theater gaat spelen. Het is vanuit mijn functie als stadsorganist van Zeist in samenwerking met tachtig orkestleden van OBK onder leiding van Arnold Span, één van de beste harmonieorkesten van Nederland. Verder werken aan dit concert mee: Wouter Harbers (vleugel), Maurice van Dijk (trompet) en Trio Bel Ami (zang). Zelf bespeel ik een groot Cavaillé-Coll concertorgel.”

Het concert begint met de première van het werk ‘Hoe groot zijt Gij/How great Thou Art’, gecomponeerd door Willem Boog en voor orgel en orkest gearrangeerd door Gert Buitenhuis.